Ondernemen met Ziel & Zaligheid Aldi van Lierop

Voorwoord - Ondernemen met Ziel & Zaligheid

We hebben samen werk te doen voor het welzijn van mens en aarde. Veel ondernemers beseffen dat heel goed en zien dat puur geldgedreven werken een doodlopende weg is. Voor hen is het vanzelfsprekend om mens en aarde centraal te stellen in hun leven en onderneming, omdat hun onderneming hun leven ís. Het bedrijf is soms al meerdere generaties in de familie. Dit is een extra drijfveer om bewust bezig te zijn met de vraag: wat laat ik eigenlijk na aan mijn kinderen en kleinkinderen? Ik heb het ze maar eens rechtstreeks gevraagd: Wat drijft jou? Uit belangstelling voor hun motivatie en bewondering voor hun vasthoudendheid.

In de serie Ondernemen met Ziel & Zaligheid vertellen zij hun enthousiaste verhaal.

Ik hoop dat hun verhalen je raken en inspireren. Deel ze gerust. En ken je ondernemers zoals Willy, Kees en Gé stel ze aan me voor. Dan vraag ik naar hun verhalen en deel ze met jou en de rest van de wereld.

Dit is mijn werk en bijdrage aan het welzijn van mens en aarde.


Gé Moonen - Moonen Packaging

22 februari 2018

Hoe Moonen Packaging de inhoud van onze prullenbak beïnvloedt

Vooral die ene dia in zijn bedrijfspresentatie spreekt boekdelen. Op een grijze grafsteen staat: Hier rust Gé Moonen. Verantwoordelijk voor 3,2 miljoen ton afval. “Zo wil ik geen afscheid nemen van deze wereld. Het besef dat alles wat we bij Moonen Packaging maken in de prullenbak belandt, heeft er ruim vijftien jaar geleden voor gezorgd dat we ons producent van afval in een vroeg stadium zijn gaan noemen. Daarmee is voor ons de zoektocht begonnen naar grondstoffen en producten die minder schadelijk zijn. Duurzaamheid zit inmiddels diep in onze genen en waar ik maar kan, draag ik het over aan klanten die nog niet zover zijn. Dit is een persoonlijk missie.” 

 Aldi_Schrijft_Ge_Moonen_LR.jpgBeeld: Rob van Berkel

Toen Bèr Moonen, de vader van Gé, in 1965 trots de eerste plastic zak aan klanten liet zien, had niemand nog van duurzaamheid gehoord. “Men kende in die tijd alleen papieren zakken. En daar stond mijn vader bij de bakker, slager en groenteman in de winkel met een doorzichtige zak, gevuld met water en een goudvis erin. Een zak die de inhoud mooi laat zien en niet lekt. Dat was in die tijd echt iets bijzonders. Je wilt niet weten hoe dik het plastic van die zak was, maar goed, zo is hij met zijn plastic zakken groot geworden.” 

Handelsman

Bèr zat net twee jaar op de HBS toen vader Tinus Moonen zijn zoon naar huis haalde om in de zaak te werken. Opa Tinus was een echte handelaar en begon in 1950 met een kleine kruidenierswinkel aan huis voor de boeren in Boeket, een buurt in het buitengebied van de gemeente Nederweert. “Zover mijn vader op de fiets kon komen, bediende hij klanten in de omgeving. Toen de economie aantrok gingen ze gaandeweg over van food op non-food producten zoals verpakkingen, papieren zakken, klompen, gereedschappen en steeds meer schrijfwaren. Meer business-to-business ook, voor een groter gebied. Met de verhuizing naar Weert in 1972 veranderde de naam van Moonen Papier in Moonen Verpakkingen. Het marktgebied breidde zich uit naar heel Zuid-Nederland en groeide verder naar landelijk en internationaal.” 

Cash & Carry

In tegenstelling tot zijn vader heeft Gé zijn opleiding wel kunnen afmaken. Afgezien van al het vakantie- en weekendwerk begon Gé Moonen in 1989 full time in de zaak. “Ik studeerde in januari af, Small business aan de HEAO in Haarlem, en zou in september eigenlijk verder studeren. Dat is er nooit van gekomen door ontwikkelingen binnen het bedrijf. Tijdens mijn studie had ik op papier een bedrijf voor Moonen opgericht in België. Toen zei mijn vader: ‘Misschien moeten we dat maar eens echt gaan doen.’ Veel van onze klanten kwamen vanuit België winkelen in onze Cash & Carry in Weert. Ik ben de markt in België gaan onderzoeken en daar lagen zeker kansen voor ons. Onder toeziend oog van mijn vader heb ik een pand gekocht en ingericht en vier mensen aangenomen. Zij vroegen me ook de dagelijkse leiding op me te nemen. Dat heb ik gedaan en toen was ik directeur van Moonen Verpakkingen België N.V. Vanaf dag één liep het storm. Tijdens de officiële opening op 1 november 1989 heeft mijn vader zelfs de hele dag achter de kassa gestaan omdat klanten maar bleven aansluiten in de rij.”

Kink in de kabel

Zowel in Nederland als België bleef Moonen groeien. In 1995 kwam er een kink in de kabel. “Het ging financieel slecht met het bedrijf. Een nieuwbouw viel ongelukkigerwijs samen met een nieuwe automatisering waardoor er operationeel heel veel mis liep. Om klanten maar te bedienen zijn er toch grote voorraden uitgeleverd zonder te factureren. Dan zit je snel in een verliesgevende situatie. Als een bedrijf groeit, dan moet je gaan managen en dat was niet de kracht van mijn vader. Hij was geen manager, maar wel de baas. Ingrijpen was nodig. De bank stelde ons onder curatele en we hebben tijdelijk een interim manager in dienst gehad. Die heeft mij teruggehaald naar Weert en we kozen voor de concentratie op één locatie. Ik werd commercieel directeur en mijn vader stopte met werken. En dan ligt daar de vraag: hoe nu verder met ons familiebedrijf?”

Maar één in de zaak

“Die vraag lag veel eerder natuurlijk ook al eens op tafel. Mijn vader heeft namelijk altijd gezegd: Ik wil maar één familielid in de zaak. Dat is duidelijk maar ook heel lastig als je vijf kinderen hebt waarvan er drie de ambitie hebben om in de zaak te werken?. Hij heeft ons door drie verschillende bureaus laten testen op geschiktheid en ik bleef over. Achteraf gezien denk ik dat hij zo de verantwoordelijkheid voor de keuze bij een ander heeft gelegd. Ik snap dat, maar prettig is het niet. We hebben onderling een geweldige band al blijft dit een gevoelig stukje familiegeschiedenis.”

In de tijd dat het in Weert slecht ging had Gé de enig goedlopende commerciële afdeling onder zijn hoede. Hij werd verantwoordelijk voor de gehele commercie van Moonen Packaging, met succes. Onder zijn leiding bloeide het bedrijf opnieuw op. “In 2005 kwam mijn vader naar me toe en zei dat er een geïnteresseerde kandidaat was die het bedrijf wilde kopen. Eigenlijk wilde ik de zaak nooit kopen. Ik had thuis gezien welke impact het familiebedrijf op ons gezin had. Mijn vader en moeder werkten beiden in de zaak en er was thuis altijd strijd over wat daar gebeurde. Dat wilde ik niet. Ik heb werk en ik heb privé. Dat houd ik graag gescheiden. Ik wil best zeven dagen, twaalf uur werken maar als ik de deur achter me dicht trek, is het klaar. Maar ja, ik was heel succesvol als commercieel directeur. We groeiden gemiddeld 15% per jaar, de zaak liep as een tierelier, ik was 39 jaar. Wat doe je dan, welke keuze maak je op zo’n kruispunt in je leven? Toen heb ik toch besloten een poging te wagen om de zaak over te nemen. Dat is een heel lang proces geweest en in 2006 heb ik het bedrijf van mijn vader gekocht en daarmee de familie uitgekocht. Moonen Packaging was nu 100% mijn verantwoordelijkheid en uitdaging.”

Duurzaam besmet

“Als ik terugkijk, is mijn interesse in duurzaamheid in 2001 gewekt op de Anuga Food Tech beurs in Duitsland. Op een tafel stonden wat schoenen met daarin een kartonnen vorm die de schoenen mooi opvulde. Er stond een bordje bij: Dit product is gemaakt van suikerriet. Dat vond ik meteen interessant, want we zijn altijd op zoek naar innovaties. Ik vroeg naar hoe het precies zat. Suikerriet is milieuvriendelijk, zei de man achter de tafel. Het woord duurzaamheid gebruikten we toen nog niet. Mijn eerste gedachte was: hé milieuvriendelijk, dat is handel, daar kan ik geld mee verdienen! Ik ben ten slotte in eerste plaats ondernemer. Of je er ook andere producten van kon maken, was mijn vraag. Dat kon, in China. Daar deden we al veel zaken, dus ik ben naar China gegaan om met de producent bordjes en schaaltjes van suikerriet te ontwikkelen. Die zijn we gaan verkopen. En vanaf die tijd kom ik steeds meer bij klanten die duurzaamheid belangrijk vinden. Ik ben me in duurzaamheid gaan verdiepen en raakte besmet. Het was ook de tijd dat de film An Inconvenient Truth van Al Gore uitkwam. Ik kan niet zoveel met wetenschappelijke rapporten maar de manier waarop Gore de boodschap bracht, kwam wel bij me binnen. Die film was echt een tipping point voor mij. Ik dacht: nu kan ik het niet meer ontkennen. We hebben de film samen met het personeel bekeken en discussieavonden gehad over hoe wij duurzamer zouden kunnen werken. Dat kunnen we onder andere door zo min mogelijk en liefst geen natuurlijke grondstoffen te gebruiken om onze producten te laten maken. Een boom doet er tachtig jaar over om te groeien, olie doet er miljoenen jaren over om zich te vormen, terwijl een papieren of plastic zak razendsnel in de prullenbak verdwijnt. Dat staat in geen verhouding. Van natuurlijke grondstoffen moeten we echt afblijven.”

Verbeter de wereld, begin bij jezelf

De groene, duurzame koers van Moonen Packaging krijgt in de loop der jaren steeds meer vorm en inhoud. “Mensen in duurzaamheidsland zijn kritisch. Zelf ben ik ook verschrikkelijk kritisch. Ik wil graag bewijslast zien. Daarom leggen we onszelf de zwaarste normen op die op dit moment bestaan. We zijn uiteraard begonnen met de reductie van ons eigen afval en hebben onze CO2-uitstoot met 70% verminderd. Dat is peanuts als ik kijk wat ik bij klanten kan bereiken. Ik lever 80.000 ton verpakkingsmateriaal per jaar, zo’n 500 pallets per dag. Dat is heel veel. Wat is onze bewijslast? We meten onze omzet in duurzame producten. Ik noem ze alleen duurzaam als ze voor 100% uit hernieuwbare grondstoffen bestaan. Voor onze golfkartonnen dozen is dat nu 86%, die tel ik dus niet mee. Duurzaamheid is voor mij geen marketing tool, dat vind ik te goedkoop.”

“In 2020 wil ik de helft van mijn omzet doen in hernieuwbare grondstoffen. We zitten nu rond de 28%. We zijn doorlopend op zoek naar afvalstromen om nieuwe producten te ontwikkelen. Het gaat al om honderden producten: zakjes van aardappelzetmeel, schaaltjes van suikerriet, folie van mais, kunststoffen gemaakt van suikers (PLA– poly Lactid Acid). Onze Stack-it bekers, bijvoorbeeld, hebben een eindeloze kringloop. Het is een circulair product dat we hebben laten onderbouwen met een LCA (Life Cycle Analysis). Daarmee leveren we de bewijslast dat dit de duurzaamste beker ter wereld is. Het product is goed van geboorte tot eindproduct, ‘from cradle to grave’. De bekers worden gemaakt van afval uit suikerriet nadat de suikers eruit zijn gehaald. We leveren ze en halen ze weer op, brengen ze na gebruik naar de vergister die er weer energie van maakt. Het afval van de vergisting wordt compost. Met de compost maken we de aarde vruchtbaarder en groeit het suikerriet sneller. De natuurlijke cirkel is rond.”

Invloed is verantwoordelijkheid

“De helft van ons afval is verpakking. Ik weet 100% zeker dat onze producten bij àlle Nederlanders, of misschien wel in de hele Benelux, een paar keer per jaar in de prullenbak belanden. Zoveel leveren we. Het mooie van Moonen Packaging is dus dat we groot genoeg zijn om invloed uit te oefenen. Via onze verpakkingen kunnen we consumenten informeren. Een klant die bij mij gewone plastic zakken bestelt, krijgt altijd een voorstel voor een duurzamer alternatief. Ik doe alleen zaken met producenten en leveranciers die aan onze strenge normen voldoen. We worden gezien als koploper, ook in Den Haag. Zijn er vragen over duurzaamheid en verpakkingen, dan komen ze meestal bij mij terecht omdat ik een gebruiker ben en geen wetenschapper. Mensen kunnen mij begrijpen, zoals ik Al Gore kon begrijpen. Ik vind het echt heel leuk om steeds met duurzaamheid bezig te zijn en ik ontmoet veel inspirerende mensen. Op persoonlijke titel zit nu ik in de Taskforce Circular Economy in Food die de verspilling van voedsel wil terugbrengen. Met de juiste verpakkingen kunnen we de houdbaarheid beïnvloeden. En een verpakking is een informatiedrager die we voor educatie kunnen inzetten. Aangezien we in ieder huishouden binnenkomen, is onze invloedssfeer dus groot. Dat is voor mij nog een belangrijke reden om mijn verantwoordelijkheid te nemen.”

Opvolging

Hoe trots zijn dochters ook zijn op hun vader en zijn bedrijf, overnemen zullen ze het niet. “Aan de ene kant zeg ik, helaas niet en aan de andere kant, gelukkig niet. Ik ben ergens heel blij dat ik de beslissing die mijn vader destijds heeft laten maken, niet hoef te nemen. Ze hebben talent en belangstelling voor andere zaken, niet voor het runnen van dit bedrijf. Als die belangstelling er wel was, maar het talent niet. Stel ik haar dan teleur of de honderd gezinnen die nu afhankelijk van me zijn? Dat dilemma blijft me bespaard. Voor mij persoonlijk en ons gezin is het helemaal prima zo.”

Meer weten over Moonen Packaging en zijn innovatieve, duurzame oplossingen? Kijk op de website.

Ben je geboeid door dit verhaal? Vraag Aldi of ze ook jouw verhaal schrijft. Neem nu contact op.


Willy van Mensvoort - Van Mensvoort Veghel

20 december 2017

Van Mensvoort Veghel gaat Gung Ho!

In zijn dromen heeft Willy van Mensvoort het allang voor elkaar. Zijn bedrijf, Van Mensvoort Veghel, opnieuw opgebouwd zodat het klaar is voor de nieuwe tijd. Een tijd van samenwerken en delen van verantwoordelijkheid, waardevol werk en aandacht voor mens en omgeving. Voor Willy draait alles om mensen, zijn leven lang al, en sinds kort ook om wat we kunnen leren van de eekhoorn, de bever en de gans.

Willy van Mensvoort - voor Aldi Schrijft - door Rob van Berkel.jpg

Beeld: Rob van Berkel

De familie Van Mensvoort is sinds de jaren ‘30 actief in grondwerken en vanaf de vestiging van Van Mensvoort Veghel (1981) specialist in infra, sloop, milieu en recycling. Voor Willy was het nooit een vraag of hij het familiebedrijf zou overnemen. “Als jong kind wist ik al: Ik wil aannemer worden. Op mijn negende bediende ik al een loader en op mijn tiende parkeerde ik mijn eerste vrachtwagen tegen een boom. Dat kon toen gewoon. Je werkte mee en leerde in alle vrijheid hoe alles functioneerde. Als kind vond ik dat fantastisch, maar het had natuurlijk ook een keerzijde. Op de boerderij en in het loonwerkersbedrijf van mijn ouders werkte iedereen heel hard. Mijn vader was zo’n tachtig tot honderd uur per week weg en onderweg. Mijn moeder runde het huishouden en zorgde voor iedereen. Niemand klopte ooit tevergeefs bij mijn ouders aan voor hulp of een plek aan tafel. Omdat mijn vader veel weg was, vervulde ik vanaf mijn vierde al de vaderrol in huis. Van de vier kinderen in ons gezin was ik de oudste, de grootste en de sterkste. ‘Ons Willy kan alles aan!’. Hard werken en voor anderen zorgen is me dus met de paplepel ingegoten. Zo opgroeien in een echte ondernemersfamilie heeft me heel veel gebracht. Ook al was het soms alles behalve makkelijk.”

Burn out

“Tot mijn 52ste deed ik wat mijn ouders deden. Heel hard werken en klaar staan voor iedereen. Voorop lopen in de sector en nieuwe ontwikkelingen initiëren op het gebied van infra, sloop, milieu en recycling. Ik hield alles in de gaten en regelde alles voor iedereen. Van de honderd man in dienst wist ik precies wat er speelde, ook thuis. Ging het daar even niet goed, dan stuurde ik een medewerker naar huis om voor zijn gezin te zorgen. Want je gezin en familie is het voornaamste. Alleen vergat ik mezelf en mijn eigen gezin. Op vakantie brachten we pas echt tijd samen door, zo’n drie keer per jaar. Dan had ik eerste twee, drie dagen nodig om bij te komen en had ik vaak koorts, van het ontstressen weet ik nu. De rest van de tijd stond in het teken van het bedrijf. Ik heb het vaak jammer gevonden dat ik, samen met mijn vrouw, als enige actief ben in het familiebedrijf. Met een of meer broers of zussen naast je, kun je verantwoordelijkheden en ideeën delen en is het toch minder eenzaam. Ik denk dat ik dan ook andere keuzes had kunnen maken voor mijn eigen persoonlijke ontwikkeling. Door de drukte van alledag liep mijn pad anders.”

“Van de honderden bordjes die ik in die tijd tegelijk in de lucht hield, begonnen er een aantal kapot te vallen, door tegenslagen en weerstand van medewerkers tegen mijn manier van werken. Ik was te dirigerend en liep te ver voor de troepen uit. Mensen konden me niet bijhouden en uiteindelijk werd het mij zelf ook te veel. In diezelfde tijd was ik ook bezig met diverse opleidingen op het gebied van intuïtieve ontwikkeling en energetische management. Deels om mijn zoon en vrouw daarin te volgen en aansluiting met elkaar te houden en deels om meer op mijn eigen gevoel te leren vertrouwen en daar naar te handelen. Op 11 april 2008 kreeg ik een spierverkramping op mijn long waardoor ik in een burn out belandde. Dat was heftig. Drie en een half jaar heb ik erover gedaan om daar goed uit te komen. Er waren tijden dat ik hier niet eens binnen kon lopen, zoveel stress leverde dat op. Er waren tijden dat ik de zin van het leven niet meer zag en me serieus afvroeg: Wat doe ik hier nog op aarde? Ik heb heel hard aan mezelf gewerkt met hulp van een fantastische coach. Dan komen er vragen op tafel zoals: Wie is Willy van Mensvoort? Wat vertelt jouw ziel? Wat is jouw hoogste goed? En wat voel je nou? Behalve uitrusten, nadenken en praten, heb ik gefietst, heel veel gefietst, het eerste half jaar zo’n 10.000 kilometer. Dan maakt je lichaam zelf de stoffen aan die in de gebruikelijke pillen zitten om je rustig te houden en daardoor kon ik wel helder denken en dat was heel mooi. Ik ben niet de eerste die zijn burn out als een enorm cadeau ziet; voor mezelf, voor mijn gezin en zeker ook voor mijn bedrijf.”

Eigen verantwoordelijkheid

“Voor mijn burn out, was ik de absolute spil in het bedrijf omdat ik alles wist, vaak tot in detail. Daar vertrouwen mensen ook op. Hoe ingesleten oude patronen kunnen zijn, ontdekte ik al gauw toen ik weer volledig terug was. Binnen no time kwam iedereen weer met zijn problemen bij mij. Ik heb ze allemaal weggestuurd met de vraag: ‘Wat zou jij doen? Je hebt het drie en een half jaar zonder mij gedaan, dat lukt nu vast ook wel.’ Dat was voor veel medewerkers wel even wennen. Sommigen zijn ook vertrokken omdat ze die vrijheid niet aan konden. Als ik het heel druk heb, val ik  nog wel eens terug in mijn oude patroon, dan geef ik meteen de oplossing en word ik directief. Ik heb mijn mensen gevraagd om me daar op aan te spreken, want zo wil ik niet meer werken. Daar wordt namelijk niemand gelukkig van. Het is niet goed voor de ontwikkeling van mijn mensen en de productiviteit van ons bedrijf. Met ons bedoel ik net zo goed mijn medewerkers als mijn familie.”

Terug naar de coöperatie

“Ik wil van Van Mensvoort een soort coöperatie maken waardoor medewerkers zich meer betrokken en eigenaar voelen, samen met mijn zoon en dochter die het familiebedrijf graag willen voortzetten. Dat kunnen ze niet alleen omdat ze niet van plan zijn te doen wat hun vader en grootvader hebben gedaan, namelijk, ten koste van teveel belangrijke zaken alle tijd en energie in het bedrijf stoppen. Dat geldt sowieso voor de nieuwe generatie. Die is echt niet van plan zichzelf over de kop te werken voor een dik salaris, auto van de zaak, bonussen en zo. Voor hen zijn werk en geld een middel, geen doel. Dus wil ik met mijn bedrijf een aantrekkelijke werkgever blijven, dan zal ik ze toch een andere werkomgeving moeten bieden. Het gaat om zinvol werk, waardering voor ieders bijdrage en trots zijn op wat we samen bijdragen aan onze omgeving en voor onze klanten. Echte betrokkenheid is dus de sleutel en daarvoor moet je mensen inspireren.”

Gung Ho!

“De betrokkenheid van medewerkers bij Van Mensvoort begint met mijn betrokkenheid bij hen. Niet langer als de leider die alles uit handen neemt en alles draagt, maar als degene die ruimte creëert voor anderen zodat zij tot bloei kunnen komen. Ik heb een open hartsverbinding met al mijn mensen, dus als er wat is, voel ik dat feilloos aan en maak ik dat bespreekbaar. Dat maakt me ‘een aparte baas’ volgens een medewerker, en zorgt tegelijk voor een bijzondere, open sfeer binnen het bedrijf. Ik wil het gevoel geven dat alles mogelijk is. Dus toen ik het boek Gung Ho!* in handen kreeg en prachtig verwoord en bevestigd zag wat mijn eigen intuïtie en ervaring als leider me al jarenlang ingaf, kreeg ik de tranen in mijn ogen. Met dit verhaal in handen, kan ik mijn medewerkers heel eenvoudig duidelijk maken hoe ik de toekomst van Van Mensvoort Veghel zie en hoe hard hun bijdrage daar voor nodig is.”

“Gung Ho! vertelt het verhaal van Andy Langclaw, indiaan van oorsprong en afdelingsmanager in een fabriek. De enige afdeling die fantastisch draait omdat al zijn 150 medewerkers werken met de drijfveer van de eekhoorn, de werkwijze van de bever en de gave van de gans. De nieuwe fabrieksdirecteur grijpt de methode van Andy aan om de rest van de fabriek, die op sterven na dood is, nieuw leven in te blazen. En dat lukt omdat medewerkers, net als de eekhoorn, waardevol werk doen en weten wat hun bijdrage is aan het gezamenlijke missie. Omdat ze, net als de bever, de vrijheid krijgen om de gestelde doelen op hun eigen manier te halen. En omdat ze, net als de ganzen, elkaar steeds aanmoedigen, wanneer het goed gaat en wanneer het even tegenzit. Hun productiviteit is ongeëvenaard door ieders tomeloze enthousiasme en motivatie om naar beste kunnen een waardevolle bijdrage aan het geheel te leveren. Zo simpel is het en dat brengen we nu verder in de praktijk; consequent, bewust en systematisch.”

Door enthousiasme

“We staan met ons bedrijf op een cruciaal punt. We zijn bezig met de verlenging van ons NEN-EN-ISO 9001-certificaat. Behalve dat het voor ons de leidraad is om aan alle wet- en regelgeving te voldoen, gaan we het ook inzetten als managementtool. Een tool om verantwoordelijkheden en enthousiasme te delen, om mensen te stimuleren het werk zo te organiseren dat ieder doet waar hij of zij goed in is en we elkaars competenties optimaal inzetten. Wanneer je effectief leiding wilt geven, heb je met een groep van tien medewerkers de beste balans. Zo gaan we het organiseren. Per groep van tien medewerkers heeft iemand de taak het enthousiasme steeds aan te wakkeren door er op toe te zien dat mensen hun werk als waardevol ervaren omdat ze zien wat ze aan de omgeving bijdragen. Door ruimte te creëren onze gezamenlijke  doelen op hun eigen manier te bereiken. Door een luisterend oor te bieden, mensen aan te moedigen en successen samen te vieren, hoe klein ook. Het gaat erom dat we samen trots zijn op wat we presteren en bijdragen. Dus Van Mensvoort gaat vol overtuiging Gung Ho!”

De tijd is rijp

“Alles overziend ben ik daar al mijn hele leven mee bezig. Het verschil is dat ik nu de tijd mee heb. Steeds meer mensen stellen zich de vraag hoe we verantwoordelijkheid kunnen dragen voor elkaar en onze werk- en leefomgeving. Hoe we daarin kunnen samenwerken voor elkaars welzijn en dat van de aarde. Want dat is de reden waarom we hier samen op aarde zijn, daar ben ik van overtuigd. Daarom steunen we met Van Mensvoort ook al tientallen jaren verenigingen en activiteiten in Veghel en omgeving. En om dezelfde reden ben ik al even lang actief betrokken bij de bescherming van het tropisch regenwoud en de orang-oetang, via mijn goede vriend Willie Smits. Ik ken Willie al van kinds af aan. Hij en zijn team doen via de Stichting Masarang veel goed werk in Indonesië. Het is een ongekende ervaring om daar te zijn. Dan voel je pas echt in alle vezels van je lijf hoe machtig, mooi én tegelijk kwetsbaar de natuur is en hoe ons welzijn afhankelijk is van een gezonde aarde.”

“We hebben in ons team vakmensen nodig die inzien hoe we daar met ons bedrijf een bijdrage aan kunnen leveren, nog meer dan we nu doen. Het mooie van ons werk is dat we verspilling van grondstoffen voorkomen en door zorgvuldige scheiding en bewerking van gebruikte materialen zelfs nieuwe grondstoffen maken. Het is onze missie er voor te zorgen dat er helemaal geen grondstoffen meer verloren gaan. Daarom werken we niet alleen aan een nieuwe opzet van het team en organisatie van het werk, maar liggen er ook tekeningen klaar om ons bedrijfsterrein uit te breiden en anders in te richten. Dat is nodig om Van Mensvoort Veghel klaar te maken voor de nieuwe tijd. Daar zet ik me met ziel en zaligheid voor in.”

* Gung Ho! Een overtuigende methode om uw medewerkers te inspireren, door Ken Blanchard en Sheldon Bowles. Business Contact, ISBN 978-90-470-0024-2

Ben je geboeid door dit verhaal? Vraag Aldi of ze ook jouw verhaal schrijft. Neem nu contact op.